Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

aubergine - (eiervrucht (Solanum melongena))

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

aubergine zn. ‘eiervrucht (Solanum melongena)’
Nnl. aubergine “dolappel” [1862; WNT].
Ontleend aan Frans aubergine [1750] < Catalaans alberginia, albargina, inclusief lidwoord uit Arabisch al-bādinjān < Perzisch bādinjān < Sanskrit bhanṭāki. In de Europese talen kon de Arabische -d- een tong-r worden, omdat deze klanken op dezelfde plaats gearticuleerd worden; de -n- kon verdwijnen omdat deze in een onbeklemtoonde lettergreep stond en ook weer op dezelfde plaats gearticuleerd wordt als de tong-r.
De aubergine kwam in de loop van de vroege Middeleeuwen vanuit India en Iran naar Voor-Azië en Zuid-Europa. In het Arabisch wordt ze aan het eind van de 9e eeuw voor het eerst vermeld. De Moorse Arabieren brachten de plant naar Spanje.
Een ouder woord voor aubergine is verangene, vnnl. verangenes (mv.) [1554; Dodonaeus] dat voor het laatst is aangetroffen in 1668 (WNT). Dit komt via Frans verangène/bérangène uit Spaans berenjena [15e eeuw], van Arabisch (Granada) bidingina, dat dezelfde oorsprong heeft als Catalaans albargina, maar zonder het Arabische lidwoord. Een derde is melanzaan, nnl. melanzane, melanzaanappel [1847; Kramers]; Duits Melantsen, voorheen Melantzan [1554; Dodonaeus]. De botanische naam Solanum melongena is afkomstig van Linnaeus (1737), maar melongena is de gewone (Latijnse) benaming voor de aubergine in de wetenschappelijke botanische literatuur van de 16e eeuw. Ze is al in de 13e eeuw te vinden bij Albertus Magnus en komt rond 1500 in het Frans voor als melonge (FEW). In de 16e eeuw was de vrucht in enkele Italiaanse dialecten bekend onder de namen melongana en melanzane [1608; Dodonaeus] en melanzana (Wartburg). Wrsch. is bādinjān onder invloed van Italiaans mela ‘appel’ vervormd tot melangena/melanzana. Dit werd geherinterpreteerd als Neolatijn mala insana (mv.) ‘dwaze of verdwazende appels’ [1554; Dodonaeus]. Door vertaling hiervan werd de aubergine ook vnnl. dol-appel [1599; Kil. veranghene (612b)], vnhd. Dolapffel [1581; WNT verangene] en vne. madde apple [1597; OED] genoemd. De benaming eierplant of eiervrucht is in het Nederlands niet (meer) gebruikelijk, anders dan in Amerika waar men uitsluitend van egg plant spreekt.
Lit.: Philippa 1991

EWN: aubergine zn. 'eiervrucht (Solanum melongena)' (1862)
ANTEDATERING: Van de Aubergine 'over de aubergine' [1770; Fermin 1, 188]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

aubergine [komkommerachtige vrucht] {1777} < frans aubergine, via catalaans alberginia < arabisch bādinjān, dat met het niet als zodanig herkende lidwoord al is overgenomen, vgl. de spaanse ontlening zonder lidwoord berengena; in het ar. ontleend aan perzisch bādenjān, dat komt van oudindisch vatinganah, wat betekent ‘plant tegen scheten’.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

aubergine s.nw.
1. Eierplant, of vrug daarvan. 2. Pers kleur van die aubergine (aubergine 1).
Uit Ndl. aubergine (1777 in bet. 1).
Ndl. aubergine uit Fr. aubergine via Katalaans alberginia uit Arabies (al)-badinjan uit Persies badin-gan uit Sanskrit vatin-gana, met lg. wat glo 'die klas (plante) wat winderigheid wegneem' beteken. Die plant word so genoem omdat daar gemeen is dat dit winderigheid teëwerk.
Vgl. brinjal.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

aubergine (Frans aubergine)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

aubergine komkommerachtige vrucht 1862 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal