Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

artsenbezoeker - (vertegenwoordiger die artsen nieuwe preparaten probeert aan te praten)

Dateringen of neologismen

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

artsenbezoeker, vertegenwoordiger die artsen nieuwe preparaten probeert aan te praten. Het beroep bestaat al lang, de benaming is recenter.

Wat vroeger een handelsreiziger heette, later vertegenwoordiger werd genoemd, heet in de medische wereld een ‘artsenbezoeker’. Deze moet artsen over zien te halen voortaan de pillen van zijn bedrijf voor te schrijven en zijn pleisters te gebruiken of wegwerpmesjes. (Vrij Nederland, 10/07/93)
Zo kreeg Van Rhijn in 1953 bezoeken van vertegenwoordigers van verschillende farmaceutische bedrijven, door de artsen zelf ietwat neerbuigend ‘artsenbezoekers’ genoemd. (Pan Forum, januari 1996)
Ik had een baan als artsenbezoeker gevonden, zo’n baan van dubbel verdienen en half werken. (HP/De Tijd, 30/08/96)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut