Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

arsenaal - (wapenhuis, tuighuis)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

arsenaal zn. ‘wapenhuis, tuighuis’
Vnnl. artionael (verbasterde vorm) [1569; WNT], arçenal [1581; WNT], arsenael [1599; Kil.].
Al dan niet via Middelfrans arsenal ‘tuighuis (van Venetië)’ [1395] ontleend aan Italiaans arsenale ‘id.’ < Arabisch dār aṣ-ṣināʿa ‘huis waar iets gemaakt wordt’, van dār ‘huis’ en ṣināʿa ‘kunst, constructie’; aṣ- is de geassimileerde vorm van het lidwoord al.
Lit.: Philippa 1991

EWN: arsenaal zn. 'wapenhuis, tuighuis'; de vorm arsenaal (1581)
ANTEDATERING: haerlieder Arsenal 'hun arsenaal (d.w.z. van de Venetianen)' [1570; Ulloa, 102r]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

arsenaal [bewaarplaats van wapens] {artionael 1569} < frans arsenal < italiaans arsenale < arabisch dār [huis] + aṣ (geassimileerde vorm van het lidwoord al) + ṣināʽa [constructie, fabricage]; ar. woorden werden veelal overgenomen mét het niet-herkende lidwoord al; soms werd het onjuiste overnemen van het lidwoord onderkend en ontstonden dubbelvormen, vgl. alchemie naast chemie.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

arsenaal znw. o., sedert Kiliaen bekend: arsenael ‘navale et armentatorium’ < fra. arsenal of ital. arsenale < arab. dār (aṣ-) ṣinā‘a ‘huis voor handarbeid, scheepswerf’ (Lokotsch Nr. 495).

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

arsenaal znw. o., sedert Kil.: arsenael “navale et armentatorium”. Uit fr. arsenal, it. arsenale, een afl. van mlat. arsena, dat op arab. dâr (aṣ)ṣinâca “huis waar iets gemaakt wordt” teruggaat.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

arsenaal s.nw.
Plek, bv. 'n gebou, vir bewaring van wapens en krygsvoorrade.
Uit Ndl. arsenaal (1569 in die vorm artionael). Eerste optekening in vroeë Afr. op 8 Julie 1791 in die aanhaling "arsenaal voor de nationaale arthillerie" (Resolusies van die Politieke Raad, C.194).
Ndl. arsenaal uit Fr. arsenal uit It. arsenale, oorspr. 'vlootskeepswerf' uit Arabies dar-as-sinah, gevorm van dar 'huis', as (geassimileerde vorm van lw. al) en sina'a 'konstruksie, vervaardiging', met lg. van sanaa 'hy maak'.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

arsenaal (Frans arsenal)

R. Dozy (1867), Oosterlingen, verklarende lijst der Nederlandschen woorden die uit het Arabisch, Hebreeuwsch, Chaldeeuwsch, Perzisch en Turksch afkomstig zijn, 's-Gravenhage

Arsenaal
Is ontstaan uit het Arab. dâr-as-san’a (de s zacht uit te spreken) of dâr-as-sinâ’a. Het eerste woord, dâr, beduidt huis, het tweede is het Arab. lidwoord, en het derde is afgeleid van den wortel sana’a (صنع), maken. Derhalve: het huis waar iets gemaakt wordt, namelijk waar schepen worden gemaakt, gebouwd. Dit beduidt de Arab. uitdrukking, die in onze woordenboeken ontbreekt, maar bij de Arab. schrijvers der Middeleeuwen zeer dikwijls voorkomt. Beide door mij opgegevene vormen staan, zonder onderscheid van beteekenis, bij Ibn-Batoeta, IV, p. 356, 357. Men zegt ook dâr-san’a, zonder lidwoord, zooals bij Ibn-Djobair, p. 331 ed. Wright, Ibn-Batoeta, IV, p. 356. In deze beteekenis van scheepstimmerwerf, of, bij uitbreiding, dok, is het woord, onder de vormen darsena, darsina, en, met eene Latijnsche terminatie, darsinale, overgegaan in het Middeleeuwsche Latijn (voorbeelden bij Ducange onder darsena), in het Ital., waar het darsena is, in het Spaansch, waar het ataraçana luidt, dat Pedro de Alcala in het Arab. door dar a cinaä vertaalt, in het Fransch, waar het darse is (“partie intérieure d’un port, laquelle se ferme avec une chaîne, et où l’on a coutume de retirer les petits bâtiments,” Acad.). In Tvoyage van Mher Joos van Ghistele leest men (p. 371): “Welcke plaetse daer genaemt is Tarssinael daer al de schepen van oorlogen, galleyen, cleen ende groot, alle de fusten ende ander schepen in liggen den coninc van Thunis toebehoorende.”
Nu zijn evenwel de veranderingen van vorm en van beteekenis op te merken. Vooreerst is de d, ofschoon die zeer essentieel is, zeer spoedig weggevallen. Bij Sanuto vindt men reeds arsena, en zoo ook arzena bij Dante (zie bij Ducange op arsena). In het Fransch heeft men lang arsenac geschreven; Balzac nam in de 17e eeuw deze spelling aan en Ménage volgde hem, tegen ’t gezag van Vaugelas in (Jal, Glossaire nautique, op arsenac). Ten tweede is de terminatie ale, al, die wij boven reeds in ’t Middeleeuwsch Latijn opmerkten, constant geworden. De Grieken te Constantinopel noemden hun dok, behalve ἀρσανά, ook ἀρσηνάλης. Het Ital. heeft arsenale, arsanale, het Sp. en Fr. arsenal enz.; bij Kiliaan: arcinael, navalia, locus in quo naves stant vel fiunt.
Wat de beteekenis aangaat, zoo is het Arab. woord eigenlijk zeer onbepaald: de plaats waar iets gemaakt wordt. Het gebruik heeft wel gewild, dat, onder dat iets, doorgaans schepen verstaan worden, maar men kan er even goed iets anders onder verstaan, en inderdaad komt het, zooals Engelmann heeft opgemerkt, bij Edrîsî voor in den zin van: fabriek van marokijn. Vergelijk ook de plaats, die Ducange (op tarecena) uit de Acta B. Ferdinandi Principis Lusitaniae aanhaalt: “Hic collocavit illos in domibus quibusdam munitissimis, ubi moneta conficitur, aliaque regia quaedam opera fiunt; Tarecenam ipsi [scil. Mauri] vocant.” In de beteekenis van: plaats, waar de wapenen en oorlogsbehoeften gemaakt en bewaard worden, is het ook door de Arabieren gebruikt; want Marmol (Descripcion de Affrica, II, fol. 30, col. 3) spreekt in zijne beschrijving van Marocco van : “een groot paleis, dat zij het huis der overwinning [dit is geheel verkeerd] of eldarçana noemen, waar het geschut gegoten en de wapenen en oorlogsbehoeften gemaakt worden; daar binnen zijn ook de ijzersmederijen des konings, waarin onophoudelijk vele Christengevangenen werken.” In zijne beschrijving van Fez zegt hij (II, fol. 92, col. 1): “In deze stad is een zeer groot huis, dat zij Daraçana noemen, waar de Christenslaven vroeger het ijzer smeedden, en kanonnen, kruid, degens, voetbogen, haakbussen en andere wapenen voor de wapenkamer des konings vervaardigden;” zie ook II, fol. 98, col. 4.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

arsenaal ‘wapenmagazijn’ -> Indonesisch arsenal ‘wapenmagazijn’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

arsenaal bewaarplaats van wapens 1569 [Toll.] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut