Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

arrangeren - (regelen, in orde brengen; bewerken (van een muziekstuk))

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

arrangeren ww. ‘regelen, in orde brengen; bewerken (van een muziekstuk)’
Vnnl. arrangeren ‘op een rij stellen, in orde stellen’ [1669; Meijer]; nnl. arrangeren ‘schikken, in orde brengen’ [1824; Weiland]. Volgens het WNT pas frequent vanaf de tweede helft van de 18e eeuw, meestal in de betekenis ‘regelen, in orde maken, organiseren’, ook specifiek ‘bewerken van een muziekstuk voor een andere bezetting’ [1883; WNT Supp.].
Ontleend aan Frans arranger, ouder arengier [12e eeuw; Rey], oorspr. ‘rangschikken’, later ook ‘in orde brengen’ [16e eeuw; Rey], en in de muzikale betekenis [midden 19e eeuw; Rey]. Het Franse woord is gevormd met het voorvoegsel a- bij het werkwoord ranger, dat is afgeleid van rang ‘gelid’, van Germaanse oorsprong, zie → rang.
arrangement zn. ‘regeling’. Nnl. arrangement ‘id.’ [1787; WNT plaats], ‘bewerking van een muziekstuk voor een ander instrument dan waar het oorspr. voor geschreven is’ [1847; Kramers]. Ontleend aan Frans arrangement, afleiding van arranger.

EWN: arrangeren ww. 'regelen, in orde brengen; bewerken (van een muziekstuk)'; de betekenis '(muziek) bewerken' (1883)
ANTEDATERING: voor drie stemmen gearrangeerd [1808; Koninklijke courant (KB) 23/9]
EWN: ♦ arrangement zn. 'regeling' (1787)
ANTEDATERING: het nieuwe Arrangement 'de nieuwe regeling' [1720; Leydse courant 23/9]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

arrangeren [schikken] {1669} < frans arranger, van à + ranger [rangschikken], van rang [rij, gelid].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

arrangere (ww.) rangschikken, regelen; Nuinederlands arrangeeren <1669> < Frans arranger.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

arrangeren ‘muzikaal bewerken’ -> Indonesisch aran(g)sé, aran(g)sir ‘muzikaal bewerken’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

arrangeren schikken 1669 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut