Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

archief - ((opslagplaats van) documentatie)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

archief zn. ‘(opslagplaats van) documentatie’
Mnl. archyuen (mv.) ‘opgeslagen officiële documenten’ [1462; MNW]; vnnl. uuyten archyve van Uuytrecht ‘uit het archief van Utrecht’ [1534; WNT Supp.]; nnl. het archief [1800; WNT Supp.].
De meervoudsvorm gaat aan het enkelvoud vooraf en is tot en met de 17e eeuw ook frequenter. Daarom is er wrsch. sprake van ontlening aan het Frans, dat van oudsher archives [1282; Rey] alleen in het meervoud gebruikt. Dit gaat terug op Laatlatijn archivum, nevenvorm van archium < Grieks arkheĩon ‘overheid, ambtenarij; stadhuis, ambtsgebouw’, een afleiding van arkhḗ ‘oorsprong; het leiden; regering, heerschappij’, zie → aarts- en → archaïsch.
Als onzijdig enkelvoud wordt archief pas vanaf de 19e eeuw gebruikt, wellicht onder invloed van het Duits, dat Archiv ook als onzijdig woord kent.
archivaris zn. ‘beheerder van een archief’. Nnl. archivaris ‘id.’ [1763; WNT Supp.]. Ontleend aan Neolatijn archivarius.

EWN: archief zn. ‘(opslagplaats van) documentatie’; de vorm archief (1800)
ANTEDATERING: het archief [1744; Leydse courant 9/11]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

archief [verzameling van geschreven stukken] {archyven 1462} < latijn archi(v)um [archief], naar grieks archeion [raad, ambtsgebouw, overheid], van archè [begin, hoofd, regering, overheid, mv. archief].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

arsjief (zn.) verzameling geschreven stukken; Middelnederlands archyuen <1462> < Latien archivum.

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

argief s.nw.
Versameling of bewaarplek van o.a. dokumente, registers, kaarte, geskrifte i.v.m. 'n staat, dorp, vereniging, onderneming, ens.
Uit Ndl. archief (al Mnl.).
Ndl. archief uit Latyn archi(v)um uit Grieks archeion 'raad, ampsgebou, owerheid', mv. arkheia 'openbare rekords', met lg. van arche 'begin, hoof, regering, owerheid' van die ww. arkhein 'begin'.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

archief (Latijn archivum)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

archief ‘verzameling van geschriften’ -> Indonesisch arsip ‘verzameling van geschriften’; Menadonees arsip ‘verzameling van geschriften’; Soendanees arsip ‘verzameling van geschriften’; Papiaments argif ‘verzameling van geschriften’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

archief verzameling van geschreven stukken 1462 [WNT Suppl] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut