Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

anachronisme - (fout in de tijdrekening; iets dat niet past in de tijd)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

anachronisme zn. ‘fout in de tijdrekening; iets dat niet past in de tijd’
Nnl. Anachronismus is een dwaling in de Tydrekenkunde [1734 in het Kunstwoordenboek van Hubner/Westerhovius; WNT Supp.], anachronisme ‘id.’[1804; WNT].
Al dan niet via Frans anachronisme [1625; Rey] ontleend aan Neolatijn anachronismus < Grieks anakhronismós, met achtervoegsel -ismós (zie → -isme) gevormd bij de voorzetselbepaling ana khrónon ‘verspreid over de tijd’, bij zn. khrónos ‘tijd’ (zie → kroniek). Het Griekse voorzetsel, bijwoord en voorvoegsel aná(-), ana- of an(-) (voor klinkers), heeft de betekenis ‘omhoog’ of ‘opnieuw, terug’ en komt ook in andere Griekse leenwoorden voor, bijv.analogie, → analyse, → anatomie. Het hoort bij de wortel pie. *h2en-, waaruit ook → aan.

EWN: anachronisme zn. ‘fout in de tijdrekening; iets dat niet past in de tijd’; de vorm anachronisme (1804)
ANTEDATERING: een anachronisme [1796; Dagverhaal 3, 229]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

anachronisme [fout m.b.t. tijdrekening] {anachronismus 1734} < frans anachronisme of direct < latijn anachronismus < grieks anachronismos [idem], van ana [terug, tegen] + chronos [tijd].

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Anachronisme (Gr. ana = omgekeerd, chronos = tijd) is een vergrijp tegen de tijdrekening. Men plaatst nl. gebeurtenissen, toestanden enz. in een tijd, dat deze nog niet voorkwamen of konden voorkomen. Vooral bij dichters komt anachronisme vaak voor; zoo spreekt Vondel in zijn treurspel: “Gijsbrecht van Aemstel” van een Gijsbrecht, die eerst later leefde. Evenzoo vindt men in een tooneelstuk van Schiller, dat in de 17e eeuw speelt, reeds van een bliksemafleider gesproken, en de humoristische dichter Von Scheffel laat – natuurlijk met opzet – om comisch te zijn, reeds een bewoner der Paalwoningen van een pijp tabak spreken.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

anachronisme ‘fout in de tijdrekenkunde’ -> Indonesisch anakronisme ‘fout in de tijdrekenkunde’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

anachronisme fout m.b.t. tijdrekening 1734 [WNT] <Frans of Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut