Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

amanuensis - (assistent in een laboratorium)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

amanuensis zn. ‘assistent in een laboratorium’
Vnnl. ‘klerk, schrijver’ in op een amanuensem (verbogen als een Latijnse accusatief) [1615; WNT]; nnl. amanuensis ‘helper in een laboratorium’ [1795; WNT].
Ontleend aan middeleeuws Latijn amanuensis ‘schrijver aan het hof’, met een achtervoegsel -ensis ‘horend bij’ afgeleid van de uitdrukking ā manū zoals in servus ā manū, letterlijk ‘slaaf van de hand’, ofwel ‘slaaf die dictaat opneemt’.
In zijn oorspr. maar nu verouderde betekenis heeft amanuensis wrsch. alleen bestaan als deftige variant van klerk en schrijver. Vandaar dat het woord veelal, ook nu nog, een Latijnse meervoudsuitgang -enses krijgt. De betekenisovergang is aannemelijk als verondersteld wordt dat de amanuensis in laboratoria oorspr. vooral zal zijn aangesteld als opschrijver van resultaten van proefnemingen.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

amanuensis [schrijver, helper] {1615} < latijn amanuensis [schrijver aan het hof], van a manu, in servus a manu [lett.: slaaf bij de hand], dus: iem. die dictaat opneemt.

Thematische woordenboeken

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Amanuénsis (Lat.; schrijver, secretaris; < a (geeft betrekking aan), + mánus = hand, + achtervoegsel -énsis; een andere Latijnse vorm is: a mánu sérvus (of libértus) = lett. dienaar (of vrijgelatene) dien men bij de hand heeft). Helper, spec. in physisch of chemisch laboratorium.

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Amanuensis (Lat. ad-= bij, manus = de hand) noemt men den persoon, die bij het onderwijs in de natuurkunde aan universiteiten, enz. den professor helpt, handreiking doet, de werktuigen schoonhoudt, enz. – De naam bestond reeds bij de Romeinen; sedert keizer Augustus hielden voorname familiën slaven, die min of meer wetenschappelijke diensten moesten verrichten, o.a. brieven schrijven, boeken afschrijven, enz. Zulk een slaaf (soms was het ook een vrije) heette men amanuensis. (Bij de Grieken waren de paedagogen (z. d. w.) eveneens slaven.)

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

amanuensis schrijver, helper 1615 [WNT] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal