Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

allergisch - (overgevoelig voor bepaalde stoffen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

allergie zn. ‘overgevoeligheid voor bepaalde stoffen’
Nnl. allergie “gewijzigde terugwerking ... wijziging van 't lichaam door een virus” [1910; Bauwens].
Ontleend aan Duits Allergie, een in 1906 door de Oostenrijkse arts Clemens von Pirquet (1874-1929) gevormd geleerd neologisme naar het voorbeeld van → energie. Het woord is opgebouwd op grond van Grieks állos ‘anders, vreemd’ (zie → allochtoon) en érgon ‘werk’ (zie het verwante → werk), dus oorspr. ‘inwerking van buiten’.
allergisch bn. ‘betreffende allergie’. Nnl. allergisch [1935; WNT]. Ontleend aan Duits allergisch, ook een term van Von Pirquet.

EWN: allergie zn. ‘overgevoeligheid voor bepaalde stoffen’ (1910)
ANTEDATERING: allergie 'oorzaak van zekere reactie van het lichaam tegenover ziekteverwekker' [1908; Bataviaasch nieuwsblad (KB) 19/11]
EWN: ♦ allergisch bn. ‘betreffende allergie’ (1935)
ANTEDATERING: een allergische reactie [1917; Doorenbos, Tuberkulieden bij kinderen, 17]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut