Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

aller- - (voorvoegsel ter benadrukking van superlatieven)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

aller- voorv. ter benadrukking van superlatieven.
Mnl. alre- in alremest ‘allermeest’ [1236; CG I, 20], aller- in allermeest ‘van allen het meest’ [1260-80; CG II, Rein.G], alder- in alderscerpst ‘allerscherpst’ [ca. 1450; MNHWS].
Dit voorvoegsel is een partitieve genitief meervoud van → al met de betekenis ‘van alle(n)’, zoals onl. allero endo ‘van alle einden’ [10e eeuw; W.Ps.]. In het Middelnederlands en het Vroegnieuwnederlands (en nog in hedendaagse dialecten) komt ook de vorm alder- voor, met epenthetische -d- zoals in → kelder. Dat alleen aller- tot de huidige standaardtaal is doorgedrongen komt wrsch. door invloed van het Hoogduits, dat ook al vanaf de oudste overlevering aller- als superlativerend voorvoegsel kent.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

aller-, versterking bij superlativi, mnl. alre-, aller- is de partitief gebruikte gen. mv. = “van allen”.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal