Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

alkali - (hydroxide van een alkalimetaal)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

alkali zn. ‘hydroxide van een alkalimetaal’
Vnnl. alkali ‘planten gebruikt bij de sodabereiding’ in Kali & Alkali [1583; Claes 1997], De oversetters van de Araebsche boecken noemen al dese cruyden met eenen gemeyne naeme Kali ende Alkali [1608; Dodonaeus], alkali ‘zout bereid uit deze planten’ [1615; WNT Supp.], en bij uitbreiding ook ‘hydroxide waarmee deze zouten kunnen worden bereid’ in bijv. alkalien, ... zijn geene zouten, maar zoodanige zelfstandigheden, die zich met de zuren verbinden en deze tot zoutvorming neutraliseren [1843; WNT Supp.].
Via middeleeuws Latijn alkali ontleend aan Arabisch al-qalī ‘de potas’ (met Arabisch lidwoord al en qalī, waarvoor zie → kalium), waarmee de as van bepaalde zoutwaterplanten werd aangeduid en de stof die daaruit werd onttrokken (natrium- en/of kaliumcarbonaat, soda).
Het middeleeuws Latijn gebruikte het woord ook voor deze planten zelf en zo ook Dodonaeus in bovengenoemde oude Nederlandse attestatie. De naam ging daarna over op alle stoffen die gelijksoortige eigenschappen vertoonden als potas.
Lit.: Philippa 1991

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

alkali [hydroxide van een alkalimetaal] {1608} < middeleeuws latijn alkali < arabisch al qily [alkali], bij het ww. qalā [hij bakte, roosterde]; het woord is in twee vormen in Europese talen overgenomen, mét het niet onderkende lidwoord arabisch al en zonder; de benaming is ontstaan doordat het de geblakerde as van het zoutkruid betrof (vgl. kali2).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

alkali (Frans alcali)

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Alkali- (= Ar. al-ḳily; < al = lidwoord, + ḳily of ḳaly = as (van bepaalde planten)). Stof verkregen uit de as van planten, b.v. soda of potas. Vandaar werd de naam alkaliën gegeven aan stoffen die in hun eigenschappen op soda of potas gelijken, dus aan basische stoffen. Alkali- wordt nu gebruikt als eerste lid in samenstellingen om een verband met een base aan te geven. Alkali-metalen zijn die éénwaardige metalen, waarvan de hydroxyden sterke basen zijn.

R. Dozy (1867), Oosterlingen, verklarende lijst der Nederlandschen woorden die uit het Arabisch, Hebreeuwsch, Chaldeeuwsch, Perzisch en Turksch afkomstig zijn, 's-Gravenhage

Alkali
Is het Arab. القلي.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

alkali ‘hydroxide van een alkalimetaal’ -> Japans arukari ‘hydroxide van een alkalimetaal’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

alkali hydroxide van een alkalimetaal 1583 [Claes Tw. 12] <ME Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut