Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

alge - (wier)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

alge zn. ‘wier’
Nnl. algen (mv.) ‘wier’ [1854; WNT]. Daarvoor alleen als kunstwoord bij Meijer alga ‘wier’ [1663].
Wrsch. via Duits Alge ‘id.’ [1732; Pfeifer] ontleend aan Latijn alga ‘zeegras, wier’. Meijer is in zijn woordenboeken rechtstreeks door het Latijn beïnvloed.
Latijn alga werd wel eens verbonden met de wortel pie. *h1el- ‘slijmerig, glad zijn’ (IEW 305), maar is wrsch. van niet-Indo-Europese oorsprong.

EWN: alge zn. ‘wier’ (1854)
ANTEDATERING: "Algen" of infusiediertjes [1826; Vad.lett. 1, 73]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

alg [wier] {alga 1663} < hoogduits Alge < latijn alga [wier, zeegras].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

alg znw. v., ‘wiersoort’ < nhd. alge (het eerst door L. Oken 1841 gebruikt) < lat. alga ‘zeegras, zeetang’ (voor verdere verwanten zie AEW 633 onder ulna: voor de wortel *el zie IEW 305 die als betekenis opgeeft ‘modrig sein, faulen’, ws. eerder ‘slijmerig, glad zijn’).

alg [Aanvullingen De Tollenaere 1969]: volgens J. L. Pauwels, LBijdr 52, 100 [1963], niet uit nhd. alge, ‘want anders zou het Ned. woord ook wel eind-e vertonen’. Het nl. woord vertoont echter eind-e; zie WNT en Woordenlijst [1954]. Daarnaast ook alg; zie WNT, Suppl. I (ald. een aanh. uit 1938) en Van Dale8 [1961]. Fr. algue reeds 1551.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

algen v. meerv., uit Fr. algues, van Lat. algas, accus. meerv. van alga = wier.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

alge (Duits Alge)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

alg wier 1663 [Claes] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut