Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

album - (boek met lege bladen; plaat met meerdere nummers)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

album zn. ‘boek met lege bladen; plaat met meerdere nummers’
Nnl. album ‘boek met lege bladen’ [1700; WNT], ‘stel grammofoonplaten in één verpakking’ [1974; Reinsma 1975], later ook ‘een grammofoonplaat of cd’.
Ontleend aan Latijn album, de gesubstantiveerde onzijdige vorm van het bn. albus ‘wit’, zie → abeel.
In de Romeinse tijd was een album onder meer een wit bord of een witte muur waar aankondigingen op geschreven konden worden. In de 17e eeuw raakte album in het Duits populair als benaming van een liber amicorum, vandaar kwam het in de 18e eeuw in het Frans en andere Europese talen terecht. Het album werd een boek met witte, lege bladen die men kon vullen, bijv. een poëziealbum [1866; WNT] waarin men gedenkdichten schreef, een postzegelalbum [1910; WNT postzegel], waarin men postzegels verzamelde. In het Engels ontstond in de 20e eeuw naast de betekenis ‘boek met een verzameling’ ook de ruimere betekenis ‘verzameling in of op iets’, zoals op een ‘grammofoonplaat met meerdere nummers’. Die laatste betekenis is in het Nederlands ontleend en overgedragen op de cd.

EWN: album zn. ‘boek met lege bladen; plaat met meerdere nummers’ (1700)
ANTEDATERING: vnnl. album 'boek met lege bladen (voor teksten van vrienden)' [1657; iWNT]
Later: Langspeel JAZZ ALBUM met 12 nummers [1963; Nieuwe Leidsche courant 14/1] (EWN: na 1974)
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

album [boek met witte bladen om versjes, foto's te verzamelen] {1700} < latijn album [witte kleur, wit bord voor bekendmakingen, naamlijst], zelfstandig gebruikt o. van albus [wit] (vgl. aubade, abeel).

P.H. Schröder (1980), Van Aalmoes tot Zwijntjesjager, Baarn

album

Het Latijnse bijvoeglijke naamwoord albus betekent: wit. De onzijdige vorm album is: het witte. In het oude Rome duidde men met de naam album de witgepleisterde muurvlakken aan waarop gerechtelijke beschikkingen werden afgekondigd. Later bezigde men het woord ook voor naamlijsten en andere witte vlakken, waarop men kon schrijven. Pas in de 17e eeuw wordt het woord album, eerst in Duitsland, dan in Frankrijk en elders gebruikt voor een boek bestaande uit vellen wit papier, waarin men foto’s, postzegels, prentbriefkaarten, handtekeningen enz. verzamelt. Dames zullen zich het poëzie-album harer jeugd herinneren.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

album znw. o., < lat. album ‘het witte’, vandaar ‘wit bord voor aantekeningen’. Eerst sedert de 18de eeuw in de betekenis van ‘gedenkboek’.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

album znw. o., nog niet bij Kil. Ontl. uit lat. album, eig. “het witte”, dan “iets waarop geschreven wordt”. Internationaal woord. Hd. album o. komt sedert de 17e eeuw = “album” voor.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

album s.nw.
1. Boek met onbeskrewe of onbedrukte blaaie om portrette, foto's, posseëls, ens. in te versamel. 2. Gedrukte boek met 'n bloemlesing van musiekstukke, prente, foto's, verse, ens. 3. Versameling geleerde studies in boekvorm wat by geleentheid van jubilea as feesbundel saamgestel word. 4. Langspeelplaat of laserskyf. 5. Boek met vakkies om grammofoonplate in te hou.
In bet. 1, 2 en 3 uit Ndl. album (1700 in bet. 1). In bet. 4 uit Eng. album (1957). Bet. 5 het in Afr. self ontwikkel.
Ndl. album in die oorspr. bet. 'boek met wit papier waarin vriende iets geskryf of geteken het' uit Latyn album 'wit kleur, wit houtbord of gewitte muur waarop met swart of rooi verf bekendmakinge geskryf is', die selfst. gebruikte vorm van albus 'wit'.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

album ‘boek met witte bladen’ (modern Latijn album); ‘grammofoonplaat’ (Engels album)

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Album (Lat. albus, waarvan album het onzijdig is). Aldus noemde men in ’t oude Rome de witte muurvlakten, waarop allerlei bekendmakingen werden geschreven: regeeringsbesluiten, aankondigingen van schouwburgvoorstellingen enz. Later werd het woord in Duitschland (en vandaar uit in andere landen) gebezigd voor een boek met witte bladen.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

album ‘boek met witte bladen om versjes of foto's te verzamelen; grammofoonplaat, cd’ -> Indonesisch album ‘boekje om spulletjes in te verzamelen; grammofoonplaat, cd’; Madoerees album ‘boekje om spulletjes in te verzamelen’; Menadonees album ‘boek met witte bladen om versjes of foto's te verzamelen’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

album boek met witte bladen om versjes of foto's te verzamelen 1700 [WNT] <Latijn

album grammofoonplaat of cd 1974 [R75] <Engels

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut