Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

afzetter - (wie (bij een wedstrijd) het startschot lost)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variƫteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

afsitter s.nw.
Beampte wat o.a. tydens 'n atletiekbyeenkoms met die afvuur van 'n skoot die deelnemers aan 'n wedren laat wegspring.
Afleiding met -er van afsit (1afsit 5).

Hosted by Meertens Instituut