Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

afwezigheid - (het niet aanweizg zijn, het niet opdagen)

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

afwezigheid (vert. van Latijn absentia); (schitteren door --) (vert. van Frans briller par son absence)
Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

63. Schitteren door (zijn) afwezigheid,

d.i. ‘zich doen opmerken, de aandacht tot zich trekken, door niet te verschijnen, waar men met reden verwacht kon worden. Ook wel schertsend in 't algemeen gezegd voor afwezig zijn, doch altijd met het denkbeeld, dat het afzijn de aandacht trekt, in 't oog loopt’; Ndl. Wdb. I, 1880. Vertaling van het fr. briller par son absence. Tacitus, Annales 3, cap. 76 vertelt, dat toen onder de regeering van Tiberius, Junia, de vrouw van Cassius en de zuster van Brutus, stierf en zij met alle eer begraven werd, de beeltenissen harer voorvaderen voor den lijkstoet uit werden gedragen, sed praefulgebant Cassius atque Brutus eo ipso, quod effigies eorum non visebantur, wat M.J. Chénier (1764-1811) in zijne tragedie Tibère I, 1 aldus verhaalt:

 Devant l'urne funèbre on portait ses aïeux:
 Entre tous les héros qui, présents à nos yeux,
 Provoquaient la douleur et la reconnaissance,
 Brutus et Cassius brillaient par leur absence.

Zie Büchmann, bl. 283-284; hd. durch seine Abwesenheit glänzen; eng. to be conspicuous by one's absence.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut