Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

aero- - (lucht-)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

aëro- [voorvoegsel met de betekenis ‘lucht-’] {in bv. aërostatisch 1784} < grieks aëro- < aèr (2e nv. aëros) [lucht] > latijn aër (2e nv. aëris) [idem].

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

aëro- (Grieks aero-)

P.H. van Laer (1964), Vreemde woorden in de sterrenkunde, 2e druk, Groningen

Aëro- (< Gr. ἀήρ, ἀέρος (aèr, aëros) = lucht). Eerste lid in samenstellingen om een betrekking met de atmosferische lucht aan te geven; lucht-.

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Aëro- (Gr. ἀήρ, gen. ἀέρος (aêr, aéros) = lucht). Eerste lid in samenstellingen om een verband met de atmosferische lucht, of in het algemeen met gassen, aan te geven; b.v. aërodynamica (→ dynamica), aërostatica (→ statica), etc.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

aero- ‘lucht-’ -> Indonesisch aéro- ‘lucht-’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut