Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

adverteren - (openbaar bekendmaken)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

advertentie zn. ‘ingezonden mededeling’
Nnl. advertentie ‘kennisgeving, mededeling’ [1559; WNT], “waerschouwinge” [1728; Pomey], later ook ‘mededeling in de pers’. Daarnaast ook advertissement ‘waarschuwing, onderrichting’ [1467-90; MNHWS].
Ontleend aan middeleeuws Latijn advertentia ‘opmerkzaamheid; op-, aanmerking’, waarvan ook Oudfrans advertance, -tence ‘mededeling’ stamt.
adverteren ww. ‘openlijk bekendmaken’. Mnl. adverteren ‘inlichten’ [1451; MNHWS]; vnnl. ‘waarschuwen’ [1467-90; MNHWS]; vnnl. ‘mededelen, bekendmaken’ [1452-94; MNHWS]. Ontleend, met ad- onder invloed van het Latijn, aan Frans avertir, dat de betekenisontwikkeling ‘bemerken’ [1160] ‘letten (op iets)’ [ca. 1180] ‘(iemand) attenderen’ [1250] ‘(iemand) inlichten’ [eind 15e eeuw] had ondergaan en ontwikkeld is uit vulgair Latijn *advertire < advertere ‘bemerken’, gevormd uit → ad- en vertere (waaruit ook bijv.versie; verwant met → worden).

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

adverteren [openbaar bekendmaken] {1451 in de betekenis ‘bekendmaken’} < frans avertir [verwittigen] < latijn advertere [wenden naar, de aandacht op iets vestigen], van ad [tot, naar] + vertere [wenden].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

adverteren ww., sedert de 16de eeuw uit het fra. avertir ‘de aandacht richten op door een mededeling’. De vorm met d kan uit de fra., bijvorm advertir komen, eerder dan door een latinisering.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

adverteeren ww. In de 16de eeuw ontleend uit ofr. avertir “attirer l’attention sur quelque chose par une information” en dan verlatiniseerd, of direct uit den ofr. bijvorm advertir.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

adverte[e]ren. Hierbij advertentie.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

advertere (ww.) adverteren; Middelnederlands adverteren <1451> < Frans avertir.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

adverteren (Frans avertir)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

adverteren openbaar bekendmaken 1451 [HWS] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut