Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

administrateur - (bestuurder)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

administratie zn. ‘beheer’, (BN) ‘overheidsinstellingen’
Mnl. amministratie der stede [1299; CG I, 2709], administratie, administracie ‘bediening van de sacramenten, beheer, bestuur’ [1482; MNHWS]; vnnl. administratie (van goederen) ‘beheer’ [1570; Stall.].
Al dan niet via Frans administration, eerder aministration ‘beheer’ [ca. 13e eeuw; Rey], ontleend aan Latijn administrātiō ‘zorg voor, beheer’, bij het werkwoord administrāre ‘verzorgen, beheren’, gevormd uit → ad- en ministrāre ‘dienen’ bij minister ‘dienaar’ (zie → minister). De religieuze betekenis ‘toediening van sacramenten’ is wrsch. rechtstreeks aan het Latijn ontleend, want in het Frans is die betekenis vrij zeldzaam en ze verschijnt pas in de 17e eeuw. De betekenissen ‘bestuur’ en ‘overheidsdienst’ komen dan wel uit het Frans [resp. 1787 en 1794; Rey].
De betekenis ‘beheer (van papieren, akten, boekhouding e.d.)’ is al vroeg ontstaan als gevolg van het feit dat beheer schriftelijk moest worden vastgelegd; zie bijv. Der Burgemeesters Officie is bevolen ... de administratie van Stadts-goederen ende innekommen [1587; WNT]. De betekenis ‘administratieve afdeling van een bedrijf’ is hier weer uit ontstaan. In het BN is de betekenis ‘overheidsdienst, ambtenarenapparaat’ onder invloed van het Frans ontstaan. In de laatste decennia van de 20e eeuw wint onder invloed van het Amerikaans-Engelse administration ook de betekenis ‘regering’ terrein.
administreren ww. ‘besturen’. Mnl. administreren ‘uitoefenen (van recht, justitie)’ [1488; MNHWS]; vnnl. ‘beheren, besturen’ [1541; MNHWS]. Ontleend aan Frans administrer [12e eeuw]. ♦ administrateur zn. ‘bestuurder, beheerder’. Vnnl. administrateurs ‘beheerders van andermans vermogen’ [1540; MNW]. Ontleend aan Frans administrateur [12e eeuw]. ♦ administratief bn. ‘besturend’. Nnl. administratif [1805; Meijer]. Ontleend aan Frans administratif [1789].

EWN: ♦ administreren ww. ‘besturen’ (1488)
ANTEDATERING: Administreren 'besturen' [1432; MNW-R]
EWN: ♦ administratief bn. ‘besturend’ (1805)
ANTEDATERING: het Administratief Bestuur van Utrecht [1798; LC 25/4]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

administrateur [bestuurder] {1540} < frans administrateur < latijn administrator [idem], van administrare (verl. deelw. administratum) (vgl. administreren).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

administrateur’ (de, -s, -en), (hist., ook:) beheerder van een of meerdere plantages* (A.1) als agent in loondienst van de in Nederland verblijvende eigenaar(s) en zelf i.h.a. wonende te Paramaribo. Van de meeste plantaadjen* in de kolonie Suriname is het hoofdbestuur aan administrateurs opgedragen, aangezien er zeer weinige landeigenaren in de kolonie woonachtig zijn (Teenstra 1835 I: 176). - Etym.: Oudste vindpl. publ. van 1784 (S&dS 1074). Tegenwoordig betekent a. in Sur. hetzelfde als in N, nl. iemand die de administratie voert, d.i. op een plantage* nu een ondergeschikte van de directeur. - Zie ook: absenteïsme*, administratie*, directeur*. Samenst. ook: grootadministrateur*.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

administrateur (Frans administrateur)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

adm. ‘administrateur’ -> Indonesisch adéèm ‘plantagebestuurder’.

administrateur ‘bestuurder, beheerder’ -> Javaans setatir, setatur ‘bestuurder’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

administrateur bestuurder 1540 [WNT Suppl] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut