Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

additief - (m.b.t. optelling)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

additief [m.b.t. optelling] {1901-1925} < frans additif < latijn additivus [toegevoegd, verbonden], van addere (verl. deelw. additum) (vgl. addenda).

Thematische woordenboeken

E.J. Dijksterhuis (1939), Vreemde woorden in de wiskunde

Additief (→ additie). 1) Wat opgeteld moet worden. Vb. Een onbepaalde integraal is slechts bepaald op een additieve constante na. 2) Door optelling verkregen. Vb. Twee polygonen heten additief aequivalent, als ze kunnen worden verdeeld in polygonen, die één aan één congruent zijn.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

additief m.b.t. optelling 1847 [KKU] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut