Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

actie - (handeling, beweging, optreden)

Etymologische (standaard)werken

H. Beelen en N. van der Sijs, ‘Woordsprong’, serie in: Onze Taal 2013-2018

Journalistieke taal in de achttiende eeuw

Kranten bevatten ook vroeger al veel vreemde woorden. In 1758 schreef een zekere Johann Hermann Knoop dat “een gemeen [ = gewoon] man, ’t zy landman [= boer] of gemeen burger de courant zo wel niet lezen en verstaan kan als een geletterde, schoon vele daar onder wel wenschten zulks te kunnen doen”. Om de gewone mensen een handje te helpen, publiceerde Knoop een geschrift getiteld Kort onderwys, hoedanig men de couranten best lezen en gebruiken kan.

Actie
In het voorwoord wijst Knoop op het belang van kranten om op de hoogte te blijven van “wat er in de wereld omgaat”. Een voorwaarde om kranten te kunnen lezen is “Dat men de vreemde woorden moet verstaan die dikwyls in de couranten gebruikt worden.” Als hulpmiddel volgt een woordenlijst van ruim honderd pagina’s, met omschrijvingen in het Nederlands. Het zijn bijna allemaal Franse of Latijnse leenwoorden, en de meeste zijn niet specifiek voor kranten. Zo vermeldt Knoop bij abstinentie als toelichting “onthouding”, en bij abuis “dwaling, doling, misslag, misbruik”.
Maar af en toe voegt hij informatie toe over het specifieke gebruik van het woord in kranten. Zo schrijft hij bij actie: “Een doening. Daad. Stuk werk. Betekent in de couranten meest een kleine battaille of chermutzeling.” Dit is interessant; kennelijk werd actie in de journalistiek al in 1758 gebruikt als eufemisme voor een militaire actie.
Knoop geeft boeiende inkijkjes in gebruiken. Zo heeft hij bastounades als ingang opgenomen, met als verklaring: “stok-slagen”. Hieraan voegt hij toe: “Dit geschied onder de Hollandsche troupen hedendaags niet meer, of zelden, gelyk wel voor dezen [voorheen].” Bastonnade is een Frans leenwoord, en het Frans heeft het op zijn beurt ontleend aan het Italiaanse of Spaanse bastonata, dat afgeleid is van bastone (‘stok’). Een bastonnade was een speciale straf, waarbij de gestrafte met een stok op de voetzolen of de rug werd geslagen.

Islam
Van de buitenlanden gaat de meeste aandacht uit naar Turkije. Dat is niet vreemd: in de achttiende eeuw werden er diverse Russisch-Turkse oorlogen gevoerd die van invloed waren op heel Europa. Knoop verklaart in zijn woordenboek de volgende ‘Turkse’ begrippen voor de krantenlezer: alcoran (“het wetboek der Turken”), mameluck (“een christ die Turk geworden is”), mosqueé ‘(“een kerk der Turken”), porte (“dus [zo] word in de couranten dikwils ’t Turksche Hof genoemt”), renegaat (“een afvaller van zyn religie: dog [= doch] word daar door meest verstaan, een zodanige, die van de christelyke religie tot de Turksche dwaling overgaat”). Interessant aan dit lijstje is dat de kennis van de islam via Turkije verliep, en dat de kennis van Turkije op haar beurt via Frankrijk liep. De woorden alcoran en mosqueé zijn aan het Arabisch ontleend via het Frans. In alcoran is het Arabische lidwoord al nog aanwezig, dat we hebben bewaard in alcohol en alkali.
Porte voor ‘Turkse regering’ is een verkorting van “verheven of hoge porte”. Dit gaat terug op het Franse la sublime porte, een vertaling van de Turkse titel voor het hof en de regering van de sultan: bab i ali (‘hoge poort’), ontleend aan het Arabische bāb ʽālī (‘deur, poort’ en ‘verheven’). Het was oorspronkelijk de naam van het gebouw waar de grootvizier en zijn staf zetelden.
De benaming mammeluk gaat via het Frans terug op het Arabische mamlūk, dat staat voor ‘(blanke) slaaf’, gebruikt voor soldaten van een Egyptische ruitermilitie. De oorspronkelijke Mammelukken vormden een (Mongoolse) dynastie die in 1250 in Egypte de macht had overgenomen en tot 1517 regeerde. Doordat in de middeleeuwen in islamitische legers veel mammelukken dienden, werd mammeluk synoniem met ‘afvallige, christen die tot de mohammedaanse leer is overgegaan’, hetzelfde dus als een ‘renegaat’.

Woordenrijk
De krantenleeswijzer van Knoop bevat ruim 2600 vreemde woorden, waarvoor zeker wel Nederlandse alternatieven bestonden, want onze taal is volgens Knoop “woorden-ryk genoeg”. Maar, zo verzucht hij, het gebruik van vreemde woorden is “een gewoonte der courantiers geworden, die zedert lange jaren in gebruik is”.
Intussen maakt het boekje nieuwsgierig naar wie deze schrijver nu eigenlijk was, en wat hem bewoog. Knoop noemde zich “liefhebber en bevorderaar der nuttige wetenschappen”, maar zijn publicatie was niet uitsluitend ingegeven door idealisme. Hij was een broodschrijver, die rond 1745, na achttien jaar dienstbetrekking als hovenier bij prinses Maria Louise van Hessen-Kassel, wegens dronkenschap was ontslagen. Hoewel hij daarna veel publiceerde, bracht zijn alcoholverslaving hem uiteindelijk in het armenhuis.
[Hans Beelen en Nicoline van der Sijs (2016), ‘18de-eeuwse krantentaal’, in: Onze Taal 10, 34.]

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

actie zn. ‘handeling, beweging, optreden’
Mnl. actie ‘rechtsvordering, schuldvordering’ [1390; MNHWS]; vnnl. actien (mv.) ‘handelingen’ [1591; WNT]; nnl. actie ‘beweging, optreden’ [1774; WNT], ‘optreden om iets te bereiken’ in stakingsactie [1953; WNT regent].
Al dan niet via Frans action ‘rechtshandeling, handeling’ [begin 12e eeuw] ontleend aan Latijn āctiō ‘beweging, handeling’, bij het werkwoord agere ‘handelen, doen’ (waaruit → ageren).
De nu niet meer bestaande betekenis ‘aandeel in een onderneming’, zoals in die 'r niet in en wilt blyven [in de Oostindische Compagnie], die can syn actie vercoopen [1609; WNT uiteinde], is door verschillende Europese talen ontleend: Deens aktie, Zweeds aktie [1626; Hellquist], Noors aksje, Duits Aktie [midden 17e eeuw; Pfeifer], wrsch. ook Frans action in deze betekenis [1669; Rey]. De Nederlandse betekenis ‘(gezamenlijk) optreden om iets te bereiken’ is vrij jong.
actiegroep ‘groep die actie voert om iets te bereiken’ [1973; Reinsma 1975].

EWN: ♦ actiegroep ‘groep die actie voert om iets te bereiken’ (1973)
ANTEDATERING: Sociaal Anarchistische Actiegroep (naam) [1923; Centrum 22/11]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

actie [handeling] {1390 in de betekenis ‘rechtsvordering’} < latijn actio [verrichting, handeling], van agere (verl. deelw. actum) (vgl. acteur).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

actie (Frans action)

E. Sanders (1997), Borrelwoordenboek: 750 volksnamen voor onze glazen boterham, Den Haag

actie In de eerste helft van deze eeuw gesignaleerd in Gent, in de vorm akse. Ook recentelijk is deze borrelnaam daar nog gehoord. Actie werd in Vlaanderen voorheen ook wel gebruikt voor ‘dwaze, onbezonnen daad, streek, kunst’. Mogelijk moet de herkomst van deze borrelnaam daar worden gezocht.

[Liev.-Coopm. 89; WNT Suppl. 377]

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Actie (Lat. áctio = beweging, handeling, werkzaamheid; ágere = in werking zetten, bewerken, handelen). 1. Werking (in het algemeen); 2. kracht (actie = reactie); 3. natuurkundige grootheid met de dimensie: energie × tijd.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

actie ‘handeling; aandeel in grondkapitaal’ -> Fries aksje ‘handeling; aandeel in grondkapitaal’; Duits Aktie ‘aandeel in het grondkapitaal van een onderneming’; Deens aktie ‘aandeel in het grondkapitaal van een onderneming’; Noors aksje ‘aandeel in het grondkapitaal van een onderneming; winstkans, populariteit; in de sport: één overwinning in een competitie, op weg naar de beker’ (uit Nederlands of Duits); Zweeds aktie ‘aandeel’; Frans action ‘aandeel in het grondkapitaal van een onderneming’; Italiaans azione ‘aandeel in het grondkapitaal’ ; Tsjechisch akcie ‘aandeel in grondkapitaal’ ; Slowaaks akcie ‘aandeel in grondkapitaal’ ; Pools akcja ‘aandeel in het grondkapitaal van een onderneming’; Russisch ákcija ‘handeling; (beurs)aandeel’; Oekraïens ákcija ‘bewijs van aandeel in een onderneming’ ; Azeri aksiya ‘aandeel; handeling’ ; Lets akcija ‘aandeel’ ; Litouws akcija ‘aandeel’; Maltees azzjoni ‘aandeel’ ; Esperanto akcio ‘aandeel in grondkapitaal’ ; Indonesisch aksi ‘handeling’; Balinees aksi ‘handeling; arrogant doen; grof doen; stoer doen’; Jakartaans-Maleis pasang aksi ‘netjes; arrogant; aanstellerig’; Javaans aksi ‘(politieke) handeling’; Menadonees aksi ‘activiteit; iets moois’; Sasaks aksi, ngaksi ‘geuren met iets’; Petjoh aksi ‘stoer doen’ ; Sranantongo aksi ‘aanbieding’; Surinaams-Javaans aksi ‘handeling’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

actie handeling 1390 [HWS] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut