Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

acceptant - (iem. die op zich neemt een wissel te betalen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

accepteren ww. ‘aannemen, aanvaarden’
Mnl. accepteren [1452-94; MNHWS].
Ontleend aan Frans accepter [1317] < Latijn acceptāre ‘(regelmatig) ontvangen’, frequentatief van accipere ‘ontvangen’, gevormd uit → ad- ‘naar, bij’ en capere ‘nemen’ (verwant met → hebben).
acceptabel bn. ‘aannemelijk’. Nnl. acceptable “aennemelijc oft aenveerdelijck” [1577; Werve], acceptabel “aannemelijk” [1720; Meijer]. Al dan niet via Frans acceptable [1468] ontleend aan Laatlatijn acceptābilis. Of dit in 1577 al een ingeburgerd woord is valt te betwijfelen; Van den Werve gebruikt voor dit woord nog de Franse spelling. Bovendien vermeldt Meijer in zijn woordenboeken vóór 1720 maar liefst zes woorden met accept-, maar geen acceptabel. ♦ acceptant zn. ‘iemand die iets aanneemt’. Vnnl. acceptant [1608; Stall.]. Ontleend aan Frans acceptant [1464], teg.deelw. van accepter. ♦ acceptatie zn. ‘aanvaarding’. Vnnl. acceptatie ‘aanneming, aanvaarding’ [1511; MNHWS]. Al dan niet via Oudfrans acceptacion [1262] ontleend aan Latijn acceptātiō.

EWN: ♦ acceptant zn. ‘iemand die iets aanneemt’ (1608)
ANTEDATERING: acceptant [1590; Petri, 148]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

acceptant [iem. die op zich neemt een wissel te betalen] {1631} < frans acceptant, teg. deelw. van accepter (vgl. accepteren).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

acceptant ‘iemand die op zich neemt een wissel te betalen’ -> Indonesisch akséptan ‘iemand die op zich neemt een wissel te betalen’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

acceptant iem. die op zich neemt een wissel te betalen 1631 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut