Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

aanappelen - (rotzooien, onverschillig te werk gaan)

Thematische woordenboeken

E. Sanders (1993), Eponiemenwoordenboek: Woorden die teruggaan op historische personen, Amsterdam

aanappelen, met onverschillige willekeur te werk gaan
Op 29 januari 1955 verklaarde Karel Appel [geboren 1921] in een interview in Vrij Nederland: ‘Ik schilder, ik rotzooi maar een beetje an. Ik leg het er tegenwoordig flink dik op, ik smijt de verf er met kwasten en plamuurmessen en blote handen tegenaan, ik gooi d’r soms hele potten tegelijk op.’
Carmiggelt herhaalde deze woorden drie dagen later in een Kronkel in Het Parool. ‘Zeker is’, schreef L. Gans in juni 1963 in het Museumjournaal, ‘dat hier het begin en zelfs het Leitmotiv van de sensationele verhalen over Karel Appel lagen.’ In de jaren daarna deed Appel er nog een schepje bovenop. Televisiekijkend Nederland kon de schilder in 19 59 hangend aan een helikopter verfbussen zien leeggooien op een gigantisch doek. En in Jan Vrijmans filmdocumentaire De werkelijkheid van Karel Appel (1962) zag men Appel met woeste bewegingen kolossale doeken te lijf gaan, op en top ‘een geweldenaar die verf driftig kneedt en knecht’, zoals Lucebert hem typeerde. Het publiek was door dit alles ‘bezeerd’, aldus Endt (1982), en de uitdrukking ‘Ik rotzooi maar wat an’ kreeg vleugels. In het Bargoens ontstond het woord aanappelen, voor ‘met onverschillige willekeur te werk gaan’ of ‘maar wat doen’.
Toch heeft Appels ‘anrotzooien’ volgens L. Gans slechts betrekking op het ‘beginstadium van het ontstaansproces van een schilderij’. In de slotfase gaat de schilder veel nauwkeuriger te werk. ‘De willekeurige kleurflarden worden geordend en krijgen onderlinge samenhang. Er gaat zich in de verfmassa een vorm aftekenen: het schilderij krijgt gestalte. De kleurnotities zijn door de schilder bedwongen.
‘Het woord aanappelen raakte waarschijnlijk in onbruik nadat Appel in brede kring als kunstenaar werd erkend.
Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

Ik rotzooi maar wat an [uitspraak] (1955). De kunstschilder en beeldhouwer Karel Appel (1921-2006) verklaart in 1955 in een interview: “Ik schilder, ik rotzooi maar een beetje an.” Zijn uitspraak is gevleugeld geworden als ‘Ik rotzooi maar wat an’, en vormt de oorsprong van het werkwoord aanappelen ‘met onverschillige willekeur te werk gaan’.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

aanappelen* rotzooien, onverschillig te werk gaan 1974 [Endt]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut