Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bestevaar - (grootvader)

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

bestevaar (vert. van Frans bon-papa)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

bestevaar ‘grootvader’ -> Deens bedstefar ‘grootvader’; Noors bestefar ‘grootvader’.

N. van der Sijs (2006), Klein uitleenwoordenboek, Den Haag

oom en andere verwantschapstermen. In het Indonesisch zijn verschillende Nederlandse verwantschapstermen overgenomen, die meestal tevens worden gebruikt als aanspreekvorm. Zo kent men het woord oom of om enerzijds als 'broer van vader of moeder' en anderzijds als enigszins familiaire en intieme aanspreekvorm. Hetzelfde geldt voor de vrouwelijke tegenhanger tante, die gebruikt wordt ter aanduiding van de 'zuster van vader of moeder' en als aanspreekvorm. Koningin Juliana werd bij haar bezoek aan Indonesië in 1971 door de studenten met dit woord toegeroepen, en zelfs incidenteel aangesproken. Om heeft soms een wat lagere status: prostituees roepen zo hun klanten aan, vooral blanke.

Een informant bericht dat ook de Chinese bevolking op Midden-Java oom en tante gebruikt als aanspreektitel voor achtenswaardige ouderen - 'net als in Zuid-Afrika'. In het Afrikaans worden oom en tannie inderdaad als aanspreekvorm gebruikt, veel vaker dan meneer en mevrou. Bovendien zegt men in het Afrikaans zelden u, maar men geeft de voorkeur aan een omschrijving, zoals ken oom hierdie plek?, wat ongeveer betekent '(meneer,) kent u deze plaats?' of is tannie vanmiddag by die huis? '(mevrouw,) bent u vanmiddag thuis?' Dit gebruik van oom en tante als aanspreekvorm gaat terug op het oudere Nederlands (zie mekaar).

In de Molukken worden - net als in een groot deel van de Indonesische Archipel - oom en tante niet alleen als verwantschapsterm gebruikt, maar ook als algemene aanspreekvorm. Zo is het woord om in vrijwel de hele Molukken gebruikelijk als aanspreekvorm van en manier om te verwijzen naar volwassen mannen door onder anderen minderjarigen. In het Gimán, de taal die in de Noord-Molukken wordt gesproken (zie belet), heeft de term echter een beperktere betekenis, aldus de antropoloog Teljeur: 'Het wordt alleen gebruikt als aanspreekvorm voor de broer van iemands moeder; gewoonlijk wordt trouwens het synoniem bapa tua gebruikt, dat uit het Indonesisch is overgenomen; het oorspronkelijke woord voor moeders broer is hier verdwenen.'

Ook in het Papiaments zijn de Nederlandse woorden oom en tante geleend als verwantschapsterm en als aanspreektitel voor een oom of tante: op Curaçao zegt men òm of òn, afhankelijk van de beginletter van de daaropvolgende naam, bijvoorbeeld Òm Amador en Òn Gachi. Ook gebruikt men de vorm òmpi, die teruggaat op de Nederlandse verkleiningsvorm oompje: Òmpi Elis. Op Aruba gebruikt men de vorm omo. Òm en varianten worden niet voor 'meneer' in het algemeen gebruikt. Tante is geleend in de vorm tanta; deze vorm, maar ook de vormen tantan, tan, tante en tanchi, tantanchi (eigenlijk 'tantetje') worden gebruikt als roepnaam, soms ook wel voor een vrouwelijk niet-familielid.

In het Sranantongo wordt omu als verwantschapsterm gebruikt, en het is bovendien de algemeen gebruikelijke aanspreekvorm voor een Chinese winkelier die dagelijkse levensbehoeften verkoopt. Men spreekt over hem als omu snesi 'meneer Chinees'. Tante daarentegen is in het Sranantongo uitsluitend een verwantschapsterm.

De Nederlandse verwantschapstermen oma en opa worden in het Indonesisch zelden gebruikt voor 'grootmoeder' en 'grootvader', maar voornamelijk als aanspreekvorm tegenover een oudere. De etnomusicoloog Ernst Heins, die veldwerk heeft verricht op Java en Bali, schrijft:

De ouders van een goede Chinese kennis van mij in Solo sprak ik een jaar of dertig geleden heel comfortabel aan met Oom en Tante, en mijn kinderen zeiden Opa en Oma tegen ze. Zij spraken mijn vrouw en mij aan bij onze voornamen, zonder voorafgaande titel. Hetzelfde doet zich nu een generatie later weer precies zo voor. Het meest gebruikte, alledaagse keurig-neutrale, enigszins afstandelijke woord is Bapak of Pak (letterlijk 'vader') voor 'meneer' en Ibu of Bu (letterlijk 'moeder') voor 'mevrouw'.

Op dezelfde manier worden in het Sranantongo owma en owpa gebruikt. In het Papiaments daarentegen worden oma en opa (op Aruba ompá) alleen gebruikt voor 'grootmoeder' en 'grootvader', ook om deze personen mee aan te spreken.

In het Ambonees gebruikt men als aanspreekvorm voor een man van de generatie van iemands vader fader, van het Nederlandse vader; daarnaast worden, net als in het Indonesisch, om, oma, opa en tante gebruikt, afhankelijk van de leeftijd en het geslacht van de aangesprokene.

De benamingen opa en oma bestaan overigens in het Nederlands pas sinds de negentiende eeuw, althans in de geschreven taal. Het zijn verkortingen van grootpa(pa) en grootma(ma), wat varianten zijn van grootvader en grootmoeder. De benamingen grootva­der en grootmoeder ontstonden in het Nederlands omstreeks 1500; het waren leenvertalingen van het Franse grand-père en grand-mère die werden gevormd in kringen rond de adel. Daarnaast werden eind zestiende eeuw als gemoedelijke benamingen voor 'grootvader' en 'grootmoeder' bestevader of bestevaar en bestemoeder of bestemoer gebruikt. Ook deze woorden zijn leenvertalingen uit het Frans, namelijk van Frans bon-papa en bon-maman, waarmee grootouders werden aangesproken. Het Franse bon 'goed' werd echter in het Nederlands door de overtreffende trap beste weergegeven. Al deze benamingen ontstonden doordat het in de middeleeuwen gebruik werd om verwanten en vrienden beleefd aan te spreken met 'goede' of 'beste', vergelijk de tegenwoordig oubollige of ironische aanspreekvormen (mijn) goede vriend, beste man. Geleidelijk ging men in het Nederlands bestevaar gebruiken als een vertrouwelijk-eerbiedige naam voor een leider: de twee zeehelden Maarten Tromp en Michiel Adriaansz. de Ruyter kregen beiden van hun bemanningslieden de bijnaam en koosnaam Bestevaer 'grootvadertje'. Bestemoer werd op den duur verkort tot bestje, besje en dit werd en wordt voor 'oude vrouw' in het algemeen gebruikt - in tegenstelling tot bestevaar meestal als denigrerende benaming.

Terwijl in het Nederlands bestevaar en bestemoer geleidelijk zijn verdrongen door grootmoeder en grootvader, bleven bestevaar en bestemoer in het Deens en Noors voortleven. In het Deens werden de Nederlandse woorden geleend als bedstefar en bedstemor (het Deense bedste is 'beste'), in het Noors als bestefar en bestemor. De nieuwe aanspreekvorm voor grootouders, die begon in Frankrijk, is dus eerst door het Nederlands overgenomen en vandaar door het Deens en Noors. Misschien gold deze nieuwe aanspreekvorm als deftig of modieus. Inmiddels zijn bedstefar/bedstemor en bestefar/bestemor in het Deens en Noors de normale woorden voor 'opa' en 'oma' geworden.

Tot slot werden vroeger in het Indonesisch sis, zus en sisye (van Nederlands zus, zusje) gebruikt voor 'mejuffrouw': dit zei een mannelijke spreker als hij vriendelijk en met respect een meisje of vrouw van ongeveer zijn eigen leeftijd aansprak, en men gebruikte het tegen telefonistes en dergelijke. In de postkoloniale tijd is dit gebruik verdwenen. In plaats daarvan spreekt men tegenwoordig een telefoniste, winkeljuffrouw of jonge (ongetrouwde) vrouw aan met het Javaanse equivalent mbak 'jongere zuster'. Wel is sister, suster, zuster nog steeds een aanspreekvorm voor een verpleegster of doktersassistente.

Het is grappig te zien dat de Nederlandse verwantschapstermen met name gebruikt worden in de intieme sfeer. Saillant detail is nog dat het Indonesische tante girang 'vrolijke tante' een algemeen bekende omschrijving is voor een dame uit de betere kringen die er graag diverse jonge minnaars op na houdt.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut